Zwemmen in Amsterdam (vervolg) Amerikanen en dat soort buitenlanders die Europa in enkele dagen moet zien, dat was een must voor iedere Amerikaan om een brief in dat gekke Amsterdam op de tram te posten, nou mensen, daar aan de andere kant van die grote haringvijver zijn ze helemaal crazy man. Maar als we daar dan weer doorheen gesukkeld waren dan kwamen we via de nieuwezijds bij het begin van de nieuwendijk . Dan waren de grote gevaren zo’n beetje geweken. En dan liepen we de nieuwendijk uit en staken de dam over en zo kwamen we in de kalverstraat, en dan halverwege daar had je dan de heiligeweg. Dan gingen we zwemmen, want daar waren we voor gekomen. Na het zwemmen bleef er dan nog wel wat tijd over om te "passagieren", ik ging dan meestal even naar mijn oma die woonde in de borgerstraat, dat is achter de kinkerstraat. Dan liep ik meestal naar het leidseplein en van daar nam ik dan de tram.
Om weer op tijd op school te zijn, wij moesten op negen uur ‘s avonds binnen zijn want dan was het appèËl, moest ik daar zo rond acht uur weer vertrekken. Dan nam ik een andere tram en dan kon ik blijven zitten tot aan het Cs toe. Terwijl ik dan op de tram wachtte, vond ik meestal een reep chocola of iets anders lekkers in mijn jekker - wij liepen daar in uniform weet u nog- dat had mijn oma er dan stiekem ingestopt. Zo rond de klok van halfnegen kwamen er dan hoe langer hoe meer klas- en schoolgenoten bij de veerpont aan om over gezet te worden. Sommige oudstejaars stonken een uur in de wind naar bier, volgens mij deden zij dat om indruk te maken, maar hoe dichter bij school we kwamen des te harder zag je ze dan koffiebonen kauwen, om hun indrukwekkende dranklucht weer kwijt te raken. Het was dus ook heerlijk tegenstrijdig aan de ene kant indruk maken en aan de andere kant zorgen dat je niet gepakt werd.
Later deden wij hetzelfde. Alleen moet je dan wel een kroeg uitzoeken waar geen personeel van school komt, want dat overkwam ons een keer; zitten wij net lekker aan een potje bier, komt daar het gezag binnen met gevolg. Wij een hoofd als een biet maar voor ons stond wel een pot bier. Omtrent de pot bier moesten wij uitleg geven want dat mocht eigenlijk niet. Ik trachtte de boel nog te redden door te zeggen dat het maar een KLEINTJE pils was maar dat maakte de zaak alleen nog maar erger. Het geheel is met een flinke sisser afgelopen, eigenlijk heeft nooit iemand er iets van vernomen. Wij kwamen er later achter dat het gezag met gevolg dat ons pad kruiste, ook illegaal in de kroeg was! Zodoende hoorden wij hier gelukkig nooit meer wat van. Ik vertelde net dat als wij de nieuwendijk bereikt hadden het gevaar geweken was, dat is maar ten dele waar. Want in die tijd had je iets van provo of zo en de kraakbeweging stond toen ook nog in de kinderschoenen. Maar in die tijd werden wel de eerste panden gekraakt. Dat was niet zo erg, dat vonden wij althans. De eigenaar van de panden stuurde er wel mooi de ME op af en dat gaf weer eens een verzetje op de woensdagavond. Wij belandden dan midden in de krakersrellen. Nou ja middenin, ze hadden ons gezegd dat we niet over het damrak mochten lopen, maar via de nieuwezijds voorburgwal moesten wij naar het zwembad. Dat deden wij natuurlijk niet en wij gingen dus via de verboden route. Met als gevolg dat we binnen de kortste keren midden in de krakersrellen zaten, gevolg later een vette bult op mijn kop en mijn uniform verfomfaait. Ook kwamen wij een keer het Cs door en daar bleek een aantal mariniers even schoon schip te maken omdat er een of ander langharig werkschuw stuk tuig een meisje van een marinier beledigd had, en dat namen die mariniers niet met als gevolg dat de het Cs even schoongeveegd werd.
Gijs van Woudenberg, 17 oktober 2004
|
|
|