![]() |
|
VERHALEN OVER HET KOF Een reis met de “”Prins Hendrik”” In het 2e leerjaar 1957 mocht ik eindelijk mijn praktijk ervaring opdoen op deze oude mooie schuit .Van Rotterdam naar Amsterdam over het IJselmeer en via het Noord Hollands kanaal weer terug. Alleen de naam van de kapitein weet ik nog Noordhoek van de stuurman welke ook uit zeeland kwam weet ik alleen nog te herinneren dat hij flinke handen had.Welke mijn oren hadden doen gloeien .Maar ik had het er dan ook zelf wel naar gemaakt.De 3e dag aan boord moest ik met andere leerling een karwijtje doen onderdeks op het achterschip .Soppen daarna als alles weer droog was zou er geschuurd en geverfd worden.Een hele dag soppen valt niet mee zeker niet als je 14 jaar bent en dit zonder toezicht moet doen.Er stond waar we bezig waren ook een grote drinkwatertank waarvan de kok de bovenkant gebruikte als tijdelijke opslagplaats voor zijn producten.Op een geven moment werd er die morgen door hem een hele rij bakjes met zelfgemaakte vanille pudding op geplaatst.Die konden daar mooi afkoelen en opstijven.Of we overal met onze handen wilden afblijven want ze waren geteld.Dat was wel zo maar omdat ze nog niet afgekoeld waren kon je mooi je vinger er in steken en deze aflikken.Daar we op die leeftijd altijd honger hadden deden we dat ook totdat het niveau in de bakjes niet meer invloeide waar we eerst geen erg in hadden totdat het te laat was.Tot overmaat van ramp toen ik met zo, n bakje in mijn hand stond kwam ook de stuurman nog naar binnen.Hij pakte het bakje ruw uit mijn handen waarbij er iets over de rand ging op zijn vingers.Terwijl hij die aflikte kwam de kok binnen, daar zij schijnbaar de vorige avond ergens mot over gehad hadden ontstond er nu een fikse bonje tussen die twee.En hoe de stuurman ook praatte en zei dat wij de schuldigen waren de kok geloofde hem niet.De stuurman had daarna behoorlijk de pik op ons in.Wij werden meer of min naar buiten gejaagd met een paar pest klappen.De ramp was voor mij echter nog niet over door de haastige aftocht was er een emmer sop omgekiept welke ik over mijn broek had gekregen, ik mocht een droge aantrekken echter wel vlug want we moesten afmeren in een sluis.Als een speer had ik mijn schoenen uitgeschopt in het halletje boven waarna je langs de trap naar beneden onderdeks bij je spullen kon komen.Terwijl ik beneden nog bezig was stuurde kapitein Noordhoek “”de Hendrik”” de sluis in.Op een geven moment werd een poging gedaan om de koppeling welke met stangen gedeeltelijk door halletje naast de trap geconstrueerd waren in zijn achteruit te krijgen om het schip af te remmen.Dit lukte niet, en je begrijpt misschien al waarom er zat een schoen van mij tussen.Met een rot klap kwamen wij op de sluisdeur terecht Boegspriet beschadigd enz. kapitein Noordhoek bleef er vrij rustig onder en sprak voor mij de nooit meer te vergeten woorden .Soms zit het mee en soms zit het tegen. Joop van Rij |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
copyright: Sjirk Dijkstra |
|