Hallo allemaal, Amsterdam 22-06-06
Ik, Bart de Goey, heb 2 jaar op het internaat in Amsterdam osdorp gezeten. (1969 en 1970) Hierna doorgegaan naar de hogere zeevaartschool voor scheepswerktuigkundigen aan de Schipluidenlaan. Bij elkaar tot 1986 gevaren in diverse vetputten van bureau Wijsmuller. Provincieboten, havenboten. Tempest en Typhoon en de Super en Mighty Servants. Kwam op het schooltje terecht doordat ik de mavo niet zo zag zitten en omdat mijn neef Nico Eisenloeffel er al op zat. Ook Nico is later gaan varen als wtk bij de KJCPL en bij diverse andere rederijen. Helaas is Nico op 52 jarige leeftijd overleden aan een slopende ziekte.
Een aantal leuke (minder leuke) voorvallen wil ik graag met jullie delen. De reizen op de Juliana waren geweldig. Zo hadden we een keertje machinedienst en zaten gezellig bij meester Jobse in zijn kleine hutje te bladeren in de motoren bijbel. Beurtelings moest 1 mannetje aan de telegraaf stand-by staan. Dat vond ik prachtig tot het moment dat het toch niet zo lekker ging. Ik wist dat we de sluis in het Noord-Hollands kanaal aan liepen en verwachtte een rinkeltje van langzaam vooruit naar langzaam achteruit. De stokoude Brons (drie cilinders, zijkleppen, rootsblower en 150 pk) had een krakkemikkige keerkoppeling. Ze was dus niet direct omkeerbaar zoals een oud leerling schreef.. En inderdaad rinkelde de telegraaf naar langzaam achteruit. O.k brandstof handel naar 0, keerkoppeling via neutraal naar achteruit, daarna brandstofhandel op een kwart dan terugseinen met de telegraaf dat de actie gelukt was. Echter de schroefas draaide niet mee. Gauw nog een keer geprobeerd … geen rotatie. Telegraaf rinkelde al naar halve kracht achteruit. Redelijk in paniek naar het hutje van Jobse gerend onder het uitroepen “ meester de schroefas draait niet meer” In de verte rinkelde alweer de telegraaf. Inderdaad vol achteruit. Jobse stapt op uit zijn stoel en loopt op zijn kousenvoeten naar een fonteintje. Vult een blikkie met water en loopt dood gemoederd naar de keerkoppeling. Hij leegt het blikje water op de koppeling en ja hoor de schroef as begint te draaien. Meteen maar vol achteruitgegeven, kleine botsing met een dukdalf verder geen schade wel een geknapt egootje.
Liggend voor de kant in het noordhollandskanaal mochten we nog even wat voor ons zelf doen. 21:00 uur naar bed!! We zaten in het vooronder en waren een beetje aan het keten. Totdat we de scheepsbel zachtjes hoorden klingelen. Dat was raar want alle jongentjes waren onderdeks. Dus de steile houten trap met een paar man op en voorzichtig het deurtje naar het voordek open. Van schrik lazerde bijna de trap af. Het schemerde al echter wat je goed zag was dat het allemans end aan de bel klepel niet naar beneden hing maar strak horizontaal stond en langzaam heen en weer ging. Echter er stond niemand bij. Grote hilariteit. Wat bleek, twee boeren jongens hadden een vislijntje aan het allemans end gebonden en zaten veilig op afstand een zootje zeuntjes te neppen. Varende op het noordzeekanaal richting Hembrug vraagt kapitein aan Jan Arie Roos of de mast gestreken diende te worden of dat we er met staande mast onderdoor konden. Er werd duidelijk een spelletje gespeeld met de bootsman om zo de druk een beetje op te voeren. De bootsman door de loudhailer. “ Kapitein moet ik al strijken??” De kapitein, “ Wacht even boots de zaak wordt even uitgerekend. Afijn Jan Arie worstelt de almanak door en komt er duidelijk niet uit. De hembrug nadert!. Jan Arie slaat helemaal dicht en de Juliana vaart met staande mast onder de Hembrug door. Hierna vraagt de Kaptein aan Jan Arie “ en hoe hoog is die brug nou?? Waarop Jan Arie antwoord, nou de lengte van de mast plus ongeveer 1 meter.De kapitein sloeg even dicht. Ik weet trouwens niet meer of dit met een prinsesje was of met de Juliana. Wat ik nog wel weet is dat we de laatste reis van de Juliana hebben meegemaakt. We stapten op bij Goedkoop en gingen direct naar Harlingen. Daar hebben we als gekken gebikt, geschrapt en getjet om zoals het gerucht ging het schip nog eenmaal door de keuring te krijgen. We hadden op een gegeven moment zo`n genoeg van het tjetten dat we elkaar achterna gingen met een bokkepoot. Geen straf gehad waarschijnlijk omdat de crew wel wat anders aan de kop had. Twee weken later ben ik door meneer Wassink met twee andere maatjes (Roel Schaart?? Andre de Jong??) naar de Juliana gestuurd om meester Jobse te helpen verhuizen naar de Irene. Dat was best wel een beetje treurig. Hij had een koffertje bij zich met oude pakkingen want die konden nog van pas komen zei hij.
Nou dat was het even. Dit is een hele mooie en met zorg gemaakte site. Sjapoo en de mazzel.
Bart de Goeij Nummer 0778
|